Participatie / Burgerparticipatie / Overzicht / Referendum

Referendum

Een referendum is een formeel participatie-instrument dat burgers de gelegenheid geeft zich uit te spreken over een specifieke beleidsvraag in de vorm van ja/nee of voor/tegen.

Directe betrokkenheid burgers

Het doel van een referendum is burgers direct bij politieke besluitvorming betrekken en zo het draagvlak voor een besluit vergroten. Een tweede doel is het publiek debat en de kennis van burgers over een beleidsonderwerp te vergroten.

Lokale referenda

In Nederland heeft een aantal gemeenten een referendumverordening: een regeling om een referendum te kunnen houden. De laatste decennia zijn in veel gemeenten referenda gehouden, bijvoorbeeld in Groningen over de aanleg van een parkeergarage onder de Grote Markt.

Sommige gemeentelijke regelingen laten de mogelijkheid van een burgerinitiatief toe. Ook kiesgerechtigden kunnen dan een referendum vragen. De referendumregeling bepaalt dan hoeveel handtekeningen van kiesgerechtigden nodig zijn om de gemeente te verzoeken en verplichten een correctief referendum te organiseren.

Landelijk referendum

Nederland heeft geen referendumwet op rijksniveau. Een wetsontwerp om een landelijk referenda mogelijk te maken werd in 1999 in de Eerste Kamer verworpen. In juni 2005 is wel op initiatief van de Tweede Kamer een landelijk referendum gehouden over een soort Europese Grondwet.

Soorten referenda

A. Wie schrijft het referendum uit en wie formuleert de beleidsvraag?

1. Raadgevend referendum of burgerinitiatief

In sommige landen kunnen burgers het initiatief nemen voor het uitschrijven van een referendum: een raadgevend referendum of een burgerinitiatief.

2. Raadplegend of consultatief referendum

Als een overheid, de regering, Tweede Kamer, gemeentebestuur of provinciebestuur, het initiatief neemt voor een referendum , is er sprake van een raadplegend of consultatief referendum.

3. Correctief Referendum

In Nederland krijgen burgers in een referendum de mogelijkheid zich uit te spreken over een voorgenomen besluit van een volksvertegenwoordiging, meestal de gemeenteraad. Zodra burgers zo'n besluit kunnen terugdraaien is er sprake van een correctief referendum.

B. Hoe zwaar weegt de uitslag in de besluitvorming?

1. Bindend of decisief referendum

Als de volksvertegenwoordiging volgens de referendum-wetgeving verplicht is de uitslag van een referendum te volgen, is er sprake van een bindend of decisief referendum. Vaak verbindt de wetgeving dan voorwaarden aan de opkomst of aan de duidelijkheid van de uitslag.

2. Niet-bindend referendum

Bij een niet-bindend referendum kunnen de volksvertegenwoordigers de uitslag van het referendum naast zich neer leggen. In Nederland zijn referenda eigenlijk altijd niet-bindend, omdat de Grondwet aan de volksvertegenwoordiging het hoogste gezag toekent. Wel kunnen fracties in de volksvertegenwoordiging van te voren aangeven dat zij zich aan de uitslag verbinden. Dat deden een aantal fracties uit de Tweede Kamer bijvoorbeeld bij het referendum over de Europese Grondwet in 2005.

Belangrijke factoren

Als gemeenten een referendumregeling hebben, worden daarin de nodige afspraken rond vraagstelling, de procedure, de opkomst en de stemming opgenomen. Bij een referendum zijn deze zaken van groot belang:

1. Het onderwerp

Een referendum gaat over één concreet onderwerp. Een onderwerp is in het algemeen geschikt voor een referendum wanneer het ver is gevorderd in de politiek-bestuurlijke besluitvorming. Dan is veel informatie beschikbaar en zijn argumenten voor en tegen uitgebreid uitgewisseld. Ook de beslissende volksvertegenwoordiging staat dan voor de vraag: ja of nee, voor of tegen.

2. De vraagstelling

De vraagstelling in een referendum is erg belangrijk. Kleine veranderingen in de tekst kunnen grote consequenties hebben voor de uitkomst.

  • De vraag mag voor slechts één uitleg vatbaar zijn.
  • De vraag is neutraal en dwingt niet in de richting van een van de alternatieven. In Utrecht bijvoorbeeld werden bij een referendum in 2002 twee plannen voorgelegd aan de burgers voor de herstructurering van een deel van het centrum. Het ene plan werd "A" genoemd en het ander "1". De gemeente was bang dat als ze de plannen A en B zou noemen of 1 en 2, de kiezers zouden kunnen denken dat de gemeente een voorkeur in de volgorde had verstopt.
  • In de vraagstelling worden niet meer dan twee alternatieven gepresenteerd. Het is "ja" of "nee", "voor" of "tegen".

3. De schaal

Het is belangrijk vast te stellen wie, gegeven het onderwerp, mogen stemmen bij een referendum. Lang niet altijd valt de groep van belanghebbenden samen met die van alle kiesgerechtigden in een politiek-bestuurlijk gebied. Mogen alle kiesgerechtigden in Amsterdam bijvoorbeeld meestemmen over de vraag of de binnenstad een eigen deelraadbestuur krijgt of gaat dat alleen binnenstadbewoners aan?

In 2005 hield de gemeente Oosterhout een referendum over de sluiting van een zwembad dat ver van de bebouwde kom, aan de grens van de gemeente ligt. Relatief weinig inwoners van de plaats Oosterhout maakten gebruik van dit bad, maar het trok wel veel publiek van omliggende gemeenten. Toch bepaalden alleen de inwoners van Oosterhout per referendum dat ze geen verhoging van de onroerend zaakbelasting ervoor over hadden om het zwembad open te houden.

Als men een andere groep ook bij het besluit wil betrekken, dan kan aanvullend een gebruikers-enquête worden gehouden. Daarmee kan de mening worden gepeild van belanghebbenden die niet aan het referendum kunnen deelnemen

4. Het tijdstip

Meestal wordt een referendum gekoppeld aan verkiezingen of een ander referenduma. De keuze van het tijdstip kan doorslaggevend zijn voor de uitslag. Als een referendum over het autovrij maken van een buurt wordt gehouden nadat daar enkele ernstige verkeersongelukken zijn gebeurd, zal de uitslag anders zijn dan wanneer die niet hebben plaatsgevonden.

Meer informatie

Literatuur over gemeentelijke referenda:

Philip van Praag (red.), Een Stem verder. Het referendum in de lokale politiek. Het Spinhuis, Amsterdam 1993

Prof. mr. D.J. Elzinga e.a. Het lokale referendum. Een handleiding voor de praktijk. Samsom H.D.Tjeenk Willink, Alphen a/d Rijn 1996

Neem voor meer informatie over een referendum in uw gemeente contact op met de afdeling juridische zaken van uw gemeente.